| |
|
Waarom ga je op zangles?
- om mooi te leren zingen
- het ontwikkelen van je stem, omvang, kracht
- ontwikkelen van expressie
- je stem optimaliseren voor het koor
- je hebt bepaalde problemen bij het zingen
- je heb moeite met hoge tonen, of erger, je krijgt er keelpijn van
Zangles levert heel wat meer op!
- vrijer speken
- vrijer bewegen
- bewust met je lichaam bezig zijn
- opsporen van innerlijke blokkades
- persoonlijke ontwikkeling
Wat is zingen eigenlijk?
Zingen is niet anders dan spreken op toonhoogte. Daarbij is het zo dat je bij klassiek zang je de stem egaliseert. Dit betekent dat je niet meer het verschil van een 'borststem' of een 'kopstem' hoort. Je zingt in één register. Het is ook het bewust worden van je lijf. Bewust worden van dat lichaam is inherent aan
leren zingen. Iedereen die zingt heeft deze kwetsbaarheid ervaren. In de zangles gaat het er om de stem
de ruimte te geven om zo oorspronkelijk mogelijk te functioneren, zonder tegenwerking van aangeleerde
gewoontes. Veel mensen ervaren zangles dan ook als een persoonlijk ontwikkeling. Je leert met je
lichaam te werken, expressie te geven, emoties te tonen en ze beheersen. Het maakt veel mensen meer
zelfbewust en zelfverzekerd. Maar het belangrijkste blijft: plezier in het zingen
Hoe ziet een eerste les eruit?
Een proefles of eerste les bestaat onder andere uit een kennismakingsgesprek. In deze les wordt er zangles gegeven als in een echte les, zodat je een goede indruk krijgt. Dat houdt in dat we aandacht
besteden aan adem en houding. We doen ook wat zangoefeningen. Daar hoef je niets voor voor te bereiden, maar je mag natuurlijk altijd een lied meenemen. Het belangrijkste is dat je je zoveel mogelijk op je gemak voelt. Een proefles duurt een half uur tot drie kwartier en kost 10 euro.
Hoe ziet een gemiddelde les eruit?
Een belangrijk aandachtspunt is adem. Ademstroom is is bij het zingen een vereiste. Zingen gebeurt op
een ademstroom. Als er blokkades zijn in die ademstroom, dan is dat een belemmering voor de vrije
klank. Aan alle blokkades die een goede ademstroom in de weg staan wordt gewerkt. Deze ademstroom
moet echter wel beheerst woorden. Dat gebeurt door de ademsteun. Houding is een tweede
aandachtspunt, het gaat hand in hand met ademhaling. Zonder een goede houding kan de adem ook
niet vrij stromen. Houding klinkt heel eenvoudig, maar het zal steeds in de lessen terugkomen. Vaak loop
en beweeg je al jaren op een bepaalde manier. Het is niet makkelijk daar zo gauw in te corrigeren; ‘Old
habits die hard.’ Naast houding en adem komen in de loop der tijd: articulatie, resonantieruimtes
gebruiken, kaak- en tonggebruik, toonvorming, legato zingen, registermenging, ontwikkelen van
stemvolume en stemomvang, dynamiek, zuiver intoneren, expressie en interpretatie aan bod. De lessen
beginnen met het ‘losmaken’ van de stem. Om bovenstaande aan te leren en te oefenen wordt er in het
eerst deel van de les gebruik gemaakt van inzingoefeningen. Deze variëren in moeilijkheidsgraad al naar
gelang de concentratie dat vereist. In het tweede deel proberen we d.m.v. van een gekozen repertoire
het aangeleerde toe te passen.
Is iedereen een leerling?
- de bereidheid tot leren, de wil om je iets nieuws eigen te maken
- de bereidheid tot veranderen, anders gaan doen dan je tot dan toe gewend was
- nieuwsgierigheid, je willen verdiepen in jezelf en in de muziek
Wat is een goede docent?
Een docent moet plezier hebben in lesgeven. Verder is het overdragen van kennis en geven van inzicht
belangrijk, kortom didactisch onderlegd zijn. Inlevingsvermogen en sociale intelligentie zijn belangrijk;
zangles is maatwerk. Ieder mens is verschillend gebouwd, maar ook is elk karakter uniek. Je karakter is
zeer bepalend voor hoe je als zanger bent en presteert. Je moet dus altijd kunnen inspelen wat er op dat
moment gebeurt. En tenslotte moet de docent beschikken over een goede dosis kennis en muzikaliteit.
Over het algemeen hebben zangpedagogen een iets andere relatie met hun leerlingen dan een docent
die een instrumentaal vak doceert. Dat komt omdat je zingt met je lijf en met je karakter. Dat is een heel
persoonlijk en kwetsbaar gegeven. Docent en leerling moeten dan ook ‘bij elkaar passen’ Als er geen
vertrouwen is in de docent, zal hij/zij ook niet blokkades uit de weg kunnen ruimen. Andersom, als er
geen respect is voor de leerling zal deze niet goed uit de verf kunnen komen. Een veilige en prettige
sfeer is belangrijk voor de symbiose. Dat alles met ondertussen een kleine tien jaar ervaring maakt het
plaatje compleet.
|
|